Wie niet samenwerkt is af!
door Hans Onno van den Berg, directeur VSCD

Het moet raar lopen als er na maandag 29 september in Zwolle nog iemand in de podiumkunsten NIET gaat samenwerken, fuseren, outsourcen, conspireren (= samen ademen), innoveren, integreren, dan wel zijn back office of kennis gaat delen. Het enthousiasme (rapportcijfer 7,5) was groot onder de bijna 400 aanwezigen in De Spiegel in Zwolle. Ben Cameron maakte op meeslepende en bijna vrolijke wijze duidelijk dat we in de kunsten nog niet het begin van een antwoord hebben op een samenleving waarin elk individu kunstenaar is of wil zijn en over de middelen beschikt om dat wereldwijd te verspreiden en daar weer anderen in te betrekken. Wij zullen moeten leren omgaan, of beter nog, er actief initiatief in moeten nemen om begrippen als co-creatie, of onze toekomstige rol als (dat vond ik de mooiste) ‘harverster of creative energies’ concreet te maken. Loek Hermans leerde ons dat de podiumkunsten net zo klein, net zo eigenwijs en net zo gehecht zijn aan hun autonomie en eigenheid als kappers. De koestering van onze artistieke autonomie verschilt niet zo heel erg van de ambachtelijke eigenheid van 480 stokerijen in Schiedam en ook daar zijn Ketel, Wenneker en andere merken erin geslaagd hun verscheidenheid en verschillen juist te versterken door samen één stokerij voor de grondstof jenever op te zetten. Harvey Seifert benoemde nog eens hoezeer de podiumkunsten zich ook breed kunnen maken als ontwikkelaars van creativiteit en samenwerking in het bedrijfsleven. En wie in de ochtend vond dat hij nog weinig concreet was over de manier waarop je als Orpheus ensemble met je viool bij de Ceo van Akzo Nobel binnen komt, kwam aan zijn ‘tafel’ ’s middags geheel aan zijn trekken: met 3 simpele vragenlijstjes maak je een begin met een opwindend nieuwe toepassing van je muzikale en creatieve capaciteiten.
Waar was de inhoud ?
Het heeft er bij de voorbereiding van het congres naar uitgezien dat Kracht en Draagvlak toch vooral over organisatie en natuurlijk geld zou gaan. Dat bleek geenszins het geval. Niet alleen Ben Cameron en Harvey Seifert schilderden nieuwe inhoudelijke perspectieven, ook Han Bakker (o.a. cultuurintendant Dordrecht) maakte duidelijk welke nieuwe inhoudelijke gebieden er open gaan als je je echt verdiept in de ‘identiteit’ van een stad. En dan niet op de slappe manier waarop veel citymarketing probeert in één zin iets wervends te beweren (‘Er gaat niets boven Groningen’, ‘Dokkum Moordstad’), maar er drie maanden de tijd voor nemen en ervoor zorgen dat je alle betrokkenen ‘aandeelhouder’ van hun eigen stadscultuur maakt. De rapcultuur in wat tegenwoordig een Vogelaarwijk heet, maar ook de synodale geschiedenis die aan de wortel van de Nederlandse republiek heeft gelegen en internationaal veel bekender blijkt dan in Dordrecht zelf. Vervolgens spreekt het vanzelf dat Dordrecht een cruciale plek zal innemen in het komende Calvijnjaar over de moeizame verhouding tussen Calvinisme en Kunst (‘Zou u iets minder aangrijpend willen préluderen, meneer Bach, u leidt te zeer af van het woord!’). Ook in de lezing en discussie met Ivo van Hove en Frans Lommerse werd duidelijk dat de samenwerking tussen Toneelgroep Amsterdam en de Toneelschuur in Haarlem niet alleen zakelijke voordelen heeft, maar ook nieuwe inhoudelijke mogelijkheden biedt.
Praktisch, praktisch, praktisch
‘We zijn heel goed in constateren wat er allemaal mis is en moet gebeuren, maar vervolgens gaat iedereen gewoon weer blij naar huis’, merkte Vivienne Ypma in haar werkgroep over de strategische agenda op. Vastgesteld moet worden dat er op het congres heel weinig ruimte werd geboden aan omleidende beschouwingen. Alle doe-tafels waren praktisch. Daarom heetten ze ook zo. Zelfs Jan Rot was praktisch toen hij uitlegde wat een winst het kan zijn om Alles Zelf (hij verbeterde eigenhandig alle papiertjes waar aanvankelijk Alles Alleen op stond) te doen. Alles Zelf bleek inderdaad helemaal niet Alles Alleen te zijn. Alles wat hij vertelde ging over het vinden van de juiste mensen om Schubert mee te zingen, een opera te produceren (de Palingvissers). Jan Rot Meestervertaler bleek bijvoorbeeld een epitheton dat hij weliswaar zelf had bedacht, maar vervolgens door de NRC werd overgenomen, zodat hij daarna weer kon zeggen dat ‘Meestervertaler’ uit de NRC kwam.
Er waren heel veel meer zeer praktische tips. Word ANBI en betaal minder belasting. Doe niet alsof je boekhouding uniek is, maar breng je boekhouding gezamenlijk onder, steek de helft van je geld voor programmaboekjes en flyers in TV, want TV heeft veel meer effect omdat TV gaat over emotie en programmaboekjes over boodschappenlijstjes. Durf geld bij de bank te lenen om een – ondernemend - project of activiteit te starten. Wordt het geen tijd voor gezamenlijke onderwijs- en trainingsprogramma’s, hoe programmeer je voor meerdere podia tegelijk, kun je met één technische pool voor meerdere podia werken? Waarmee kun je een – potentiële – sponsor lastig vallen en hoe vaak mag je dat doen (vaker dan veel mensen denken)? Welke nieuwe coalities zijn zinvol en nodig voor de publiekswerving voor klassieke muziek? Welke strategische onderwerpen kunnen we benoemen voor onze gezamenlijke lobby? In alle lezingen en aan alle tafels werd in klein verband praktische informatie uitgewisseld en werden concrete acties bedacht.
En dan nu aan de slag: het gat tussen constateren en doen
Het is mogelijk aan de hand van alle toespraken, voorbeelden en doe-tafels een lijstje op te stellen van de factoren die bepalen of alle inspiratie nu ook tot actie zal leiden. Want er blijkt nog een heel gat te zitten tussen constateren en doen.
|
Kritische Succes Factoren (KSF) |
Kritische Faal Factoren (KFF) |
|
Coalition of the Willing (alleen met wie wil) |
vinden dat iedereen mee moet |
|
benoem wat niet goed gaat |
alleen goed nieuws (stoer doen) |
|
durf te concurreren op wat dat nodig heeft |
doen alsof je in alles collega’s bent |
|
durf functies en activiteiten op te geven |
alles (ook) zelf willen blijven doen |
|
de directie moet in samenwerking geloven |
het zonder directie voor elkaar willen krijgen |
|
…… |
…… |
|
…… |
….. |
Nog te vaak wordt bij samenwerking veel tijd besteed aan degene die Nee zegt of Niet wil, terwijl het veel effectiever (en vrolijker) is om de neezeggers links te laten liggen en aan de slag te gaan met JA. Waar organisaties elkaar treffen wordt heel vaak mooi weer gespeeld en tegen elkaar opgeboden hoe goed we het doen (apenrots) terwijl je bij samenwerking alleen iets wint als je durft te zeggen wat er niet goed gaat. Omgekeerd wordt concurrentie geschuwd waar dat nodig en onvermijdelijk is. Natuurlijk vecht je om dezelfde subsidiegelden, soms om dezelfde programma’s, sterren en solisten en soms om hetzelfde publiek. Durft dat te benoemen en gun elkaar de slag, maar ga niet doen alsof je allemaal collega bent. Soms zie je dat men wel wil samenwerken maar zonder iets op te geven. Dan willen alle betrokkenen in de stuurgroep en het overlegorgaanzitten, dan wil iedereen overal bij zijn en durft niemand iets aan een ander over te dragen waardoor samenwerking meer tijd kost in plaats van minder. Heel jammer is het als bijvoorbeeld educatief medewerkers een mooi netwerk hebben opgezet om gezamenlijke projecten op te zetten, maar dat ze dat doen zonder overleg met hun directies. Zonder de zegen van boven kunnen samenwerkingsverbanden zelden voortbestaan.
Dit lijstje is nog maar het begin. Als we erin slagen de gerealiseerde en op handen zjinde samenwerkingsprojecten, outsourcing, fusie, backoffice deling enz. enz. in de gaten te blijven houden wordt dat straks een stevige en voor elk volgend initiatief zeer bruikbare lijst. En als iedereen net zo door het samenwerkingsvirus is aangestoken als wij zelf, dan wordt dit een mooie lijst. VSCD en VNPF hebben volgende week hun eerste afspraak. Ter versterking van de Kracht van Podiumkunsten…..